Posts in Category: Geen categorie

Erkennen wat is

Erkennen wat is.

Ik begin hoe langer hoe meer te geloven dat lichamelijke kwaaltjes en zelfs grote levensbedreigende ziektes ergens iets willen duidelijk maken aan ons.
Vele mensen noemen dit allemaal toeval of gewoon brute pech maar ik heb het gevoel dat we onze eigen inbreng hierbij niet mogen minimaliseren.

Is het echt zo toevallig dat ik nu de ene keelontsteking na de andere krijg?
Was het zo toevallig dat ik omver werd gereden terwijl ik op de pechstrook stond?
Waren al mijn kwetsuren in mijn tienerjaren bij het basketbal spelen allemaal toevallig?
De klaplong ? De gebroken neus ? De nier en blaasproblemen?

Maar ik wil nog verder gaan en denk dan aan mijn eerste huwelijk dat op de klippen liep na één jaar. De moeilijke band met mijn broer, het moeizaam communiceren met mijn vader,het regelmatig zeer druk zijn van mijn oudste kind, mijn rookverslaving in het verleden, mijn verslaving aan pijnstillers, de problemen in mijn huidige relatie, enzovoort enzovoort.

Zou dat allemaal puur toeval zijn?

Ik denk van niet.

Natuurlijk is er altijd een zekere factor toeval, noem het geluk,of in sommige gevallen ongeluk die parten speelt bij al deze zaken, maar ik ben er van overtuigd dat mijn eigen inbreng hierin niet gering is.
Dit beseffen, of geloven of erkennen, zorgt voor een hele bewustzijnsverandering.
Het zorgt ervoor dat je heel geconcentreerd naar jezelf in de spiegel gaat kijken, en hoe langer je blijft kijken, hoe meer en meer eigen inbreng je bij elke gebeurtenis begint te zien.

Er zijn natuurlijk heel wat zaken waar we geen vat op hebben, ik beweer hier ook niet dat we alles kunnen sturen, of dat het allemaal onze eigen schuld is. Nee, integendeel, ik denk dat er niet te veel te sturen valt, eerder meegaan met de stroom of ertegenin gaan denk ik.

Het gaat eerder om het inzicht, het inzien dat alles met elkaar verbonden is, het net van Indra, waarbij alles op alles invloed heeft. Op die manier ga je al eens gaan stil staan bij je handelingen, bij je gedachten, je ideeën, je acties en non-acties, omdat ze allemaal een zekere invloed hebben op wat er daarna gebeurt.

Dus had ik mijn eigen ongeluk kunnen voorkomen?
Waarschijnlijk niet. maar er waren wel een hele boel factoren die ervoor gezorgd hebben dat ik wel op de verkeerde plek op het verkeerde moment was.
Een moto kopen, weinig echt veilige motokledij buiten vest en helm, vader die op die avond nog voorstelde om mij te komen ophalen met de auto vanwege het rotweer, vrienden en ik die nog een grapje maken door te zeggen dat ze mij maar moeten komen halen als ik ergens ten velde lig,.., ik die op een bepaald moment mijn moto opnieuw in gang probeer te krijgen, die andere persoon die naar een feestje gaat, die daar een paar glaasjes teveel drinkt, die toch naar huist rijdt, ondanks de alcohol en het slechte weer, het weer op dat eigenste moment, harde felle regen, onweer en bliksem.
Al die verschillende zaken, als je die allemaal bij elkaar optelt, dan lijkt dat ongeluk plots iets minder onverwacht.

Ben ik dan zelf schuldig aan mijn accident? Nee, tuurlijk niet. Had ik het kunnen vermijden, …, misschien, misschien niet. Zeker is dat er voldoende ingredienten aanwezig waren op dat eigenste moment om het accident te veroorzaken.
In het boek „Aanwijzingen voor de kok. Zen in actie” van Bernie Glassman en Rick Fields, vond ik het volgende :

“Belangrijk is dat we iets meer proberen te zien dan enkel ons eigen lijden.
Hoe breder onze kijk op de dingen is, hoe meer we kunnen erkennen wat is. En daaruit ontstaat heelmaking.”

Zo kan dat ook van toepassing zijn op mensen met chronische pijn of een chronische ziekte.
Kijk niet alleen maar naar je eigen pijn en/of ziekte, kijk ook naar welke invloed dit heeft op de mensen om je heen. Jouw partner, jouw kinderen, jouw ouders, vrienden, collega’s. Hoe zijn zij betrokken bij jouw verhaal? Dit moet en zal voor hen ook niet altijd even makkelijk zijn om daar mee om te gaan.

Op zich heeft mijn eigen pijn mijn blik verruimd, mijn ogen geopend, mijn hart geopend.
Plots besef ik dat er echt lijden bestaat op de wereld en dat het in onnoemlijk veel gedaantes verschijnt.
Maar zolang je zelf niet hebt geleden op de één of andere manier, is het niet zo simpel om je in de plaats te kunnen stellen van zij die lijden, zij die afzien, zij die pijn hebben.
Ik denk dat ik voor mijn handicap en voor mijn voortdurende pijn niet zoveel mede-lijden had als nu.
Ik lachte het allemaal weg, het was een te ver-van-mijn-bed-show.

En zo wordt het verder in dat boek ook mooi verwoord vind ik. ”Wij zijn allemaal in een ommuurd paleis opgeggroeid. En juist in wat we het sterkste verloochenen schuilt de meeste energie om heel te maken. Maar daarvoor moeten we eerst erkennen wat is.”

loslaten

ik heb heel wat aan mijn hoofd de laatste dagen, weken, misschien wel maanden. Mijn been of beter gezegd mijn stomp doet het redelijk goed de laatste tijd, lees, heeft weinig wondjes, maar ik had dat onlangs nog maar uitgesproken of lap, daar was er nog eens een wondje zie, maar, twas lang geleden, dat wel.
Dus, verzorgen tussendoor, been sparen, verschillende protheses, ik heb er ondertusse drie die nog passen en allemaal anders van vorm en techniek zijn, pijnstillers opdrijven indien nodig enz. Verder heb ik nogmaals een keelontsteking, de vierde op nog geen twee maanden tijd. Dat betekent vier maal dokter, één maal specialist, één maal ct scan met contrastvloeistof, weer bij specialist, vierde maal starten van antibiotica en hopen dat mijn keel het hier zou bij laten. Maar dat deed ze spijtig genoeg niet. Dus dat betekent, opereren, mijn amandelen moeten eruit. Zij zouden de boosdoeners zijn die elke keer opnieuw nog wat slechte soldaatjes warm en vochtig bewaren om mij van zodra dat antibioticamannetjes verdwenen zijn, opnieuw hun slag te slaan. Maar dat betekent een vierde keer afwezig op mijn werk, en een vierde keer mijn vrouw alleen voor de kinderen en het huishouden laten zorgen, en dat betekent alweer op dezelfde mensen beroep doen die ons hier en daar wat kunnen helpen.
Dit alles samen, als je daar lang bij stil blijft staan en begint over na te denken, wordt alleen maar erger. Je voelt je lusteloos, rusteloos, probeert te relativeren, maar na een tijdje heb je daar ook geen energie meer voor over. En dan plots, komt de gedachte in mijn hoofd : fuck it, que sera, sera. Wat moet dat moet, wat komt dat komt, wat er is zal ook weer weggaan, en wat er nog niet is zal ooit wel komen.

laatlos

Ik laat het allemaal even los. En op dat moment onstaat plots openheid, rond mij, in mij, een rust, een kalmte, tis allemaal goed zoals het is.
Zalig is dat zo een moment. Maar het woord zegt het zelf, het is een moment, zoals ons leven uit allemaal kleine momentjes bestaat. En die blijven niet duren. Nog geen twee minuten later zit ik alweer in mijn hoofd met een grote donderwolk vol ergnisssen die mij opnieuw somber maken.
Wat betekent dat nu eigenlijk, vraag ik mij dan af. De situatie is volledig hetzelfde gebleven en toch heb ik mij daarnet totaal anders gevoeld dan nu, en dan ervoor. Wat was er vernaderd? Alleen mijn ingesteldheid denk ik, ik zei foert, de boom in, en alles comprimeerde plots weer tot het nu. Het nu was dat ik aardappelen aan het schillen was en dat mijn kleinste zoontje Leon op mijn schoot zat terwijl hij op de laptop naar filmpjes aan het kijken was van hij die samen met zijn grotere broer Jona gisteren aan het dansen was.
Ik hoorde mijn eigen stem op de filmpjes, dol enthousiast over hoe mijn kindjes aan het dansen waren. Maar toen wist ik ook al af van die operatie, en mijn been had toen ook al dat wondje.
Iedereen weet het wel ergens, maar weinigen zijn er zich heel bewust van, namelijk van het feit dat je omstandigheden misschien niet kan veranderen, maar wel altijd de manier hoe je met die zaken omgaat, hoe je erover nadenkt, etc.
Loslaten lijkt mij ook belangrijk, zelfs ook wat die mooie momenten betreft, zelfs ook wat dan het idee over loslaten betreft, en ook vooral loslaten van alles wat we krampachtig proberen vast te houden. Hmm, even denken overwat ik hier nu schrijf..Loslaten van hetgeen ik vasthou. Tja, waarschijnlijk kan je niet spreken over loslaten als je niets vasthoudt, het één kan dus niet zonder het ander, ze moeten er allebei zijn, of geen van beiden.

middenweg

Ik denk dat dat het is wat boeddha bedoelt met het bewandelen van het middenpad. Veel mensen denken dan echt over het vermijden van extremen en mooi in de midden blijven lopen zonder te grenzen af te tasten. Maar dat is het volgens mij niet, het midden pad zoal Boeddha het beschrijft betekent volgens mij dat je de extremen overtreft, dat je voelt, weet, dat de éen niet kan bestaan zonder de ander. dat de éen daarom niet slechter is dan de andere. Je kan niet het ene willen zonder het andere erbij te nemen, en ik denk dat daar het probleem ligt bij vele mensen, mezelf meegeteld. We willen enkel de schone momenten meemaken, we willen enkel lachen, zonder ooit te hoeven huilen, we willen kindjes op de wereld zetten en ze zien opgroeien, zonder zelf ouder te worden en te moeten sterven. We willen ons lichaam voorzien van allemaal zalige impulsen zonder dat het ooit pijn heeft, we willen alleen maar aan leuke dingen denken zonder ons ooit nog te moeten bekommeren om slechte gedachten die opkomen.
Dus misschien is loslaten niet de juiste titel, of boodschap, voor mij en/of voor jou, misschien hoort loslaten bij vasthouden, en moeten we beiden omarmen zonder te oordelen.
En dan plots, komt er niets meer, en kon ik zonet een aantal seconden niets meer schrijven, er was enkel nog stilte, wel relatief dan, maar wel stilte in mijn hoofd, als een vijver die geen rimpeltje vertoont, als een spiegel voor de maan, die de maan toont zoals die echt is, zonder de maan zelf te zijn, of misschien wel. Laat ik beiden maar aannemen, anders komt er weer boel van.

15 jaar en 7 benen verder

Ja, het is heel erg om elke dag pijn te hebben, dat is ondertussen uit mijn berichten wel duidelijk geworden denk ik. Maar deze keer wil ik het niet over mij hebben maar over iemand die even veel afziet en dat is mijn partner. Vandaag zijn we uitgerekend 15 jaar samen. 5 jaar met vier benen en de laatste tien jaar met drie benen. En van die laatste 10 jaren zijn we dan al 7 jaar met drie grote benen en twee kleine benen, en de laatste twee jaar en een half met drie grote benen, twee kleine benen en dan nog es twee kleinere benen. Dat zijn veel benen samen.
En toch is er heel dikwijls nog steeds een been te kort, omdat die kleine en kleinere formaten nog heel wat logistieke en andere hulp nodig hebben. Wel, mijn partner, die tracht dan die hele tijd dat ontbrekende been erbij te nemen. Ik ben door al dat geloop heel dikwijls moe omdat ik dat tempo niet kan volgen, letterlijk en figuurlijk. Als alles goed gaat dan valt het allemaal wel nog mee, maar de weken dat alles goed gaat zijn soms schaars.
Geloof mij, ik blijf me zelf afvragen en vervloeken hoe het mogelijk is dat ik met stomweg slechts een half beentje minder en een goede prothese zo veel last kan hebben. Zo moeilijk kan dat toch niet zijn? In het begin na mijn amputatie had ik het daar nog moeilijker mee. Ik ging direct op zoek naar mensen met een been kwijt, of een arm, of niets kwijt maar verlamd, die heel speciale uitdagingen aan gingen ; bergbeklimmen, skieen, triathlon, marathon, krukvoetbal, crossfit, etc..
Bijna alles van wat ik hier boven heb opgesomd, heb ik wel eens geprobeerd, al was het heel kort, beperkt of niet zo spectaculair. Een 1/8 e triathlon, muurklimmen, snowboarden op groene piste, krukvoetbal voor slechts enkele maanden, crossfit idem dito, en een paar rondjes in de wijk op krukken,.. Maar één voor één moest ik opgeven, en toegeven dat het niet voor mij was bestemd. Want ook al lijkt mijn handicap miniem, en is dat vergeleken met heel veel andere mensen ook zo, toch heb ik ook het ongeluk dat mijn stomp, zo noemen ze dus het overgebleven stuk been. ( jeetje, ik ga hier bij deze post echt wel het woord ‘been’ als tag kunnen gebruiken he ) een probleemgeval is qua vorm qua huid, qua zenuwen, bot, en qua constante pijn.
Maar goed, ik ben alweer aan het afwijken van het thema van deze post : mijn partner. Het gaat hier nu wel over mijn partner maar ik ben er zeker van dat elke partner van iemand met een serieuse handicap en of pijn, zich hierin kan terugvinden !
Mijn vrouwtje is moe, soms ook verdrietig. Ze probeert dat zo goed en zo lang mogelijk weg te steken, zeker voor mij. En als de emmer dan helemaal vol is, dan moet hij ook helemaal geleegd worden, in de vorm van tranen, geroep, ruzie, onbegrip, machteloosheid, traagheid, zwaarte, somberheid,.. Tot de emmer helemaal leeg is en de storm gaat liggen. Uitgeteld zitten we daar dan in de zetel, om 22 u in het midden van de week. De stilte neemt het over en we kijken elkaar schuw aan. Na een half uur liggen we dicht tegen elkaar in die zetel en pakken elkaar goed vast. We zien elkaar zo graag, dat is zeker, dat is duidelijk. Maar het is soms zo moeilijk.
Al die extra’s die op de schouders van mijn vrouw terecht komen als ik nog eens, zoals nu, een week in de rolstoel beland en nors doe omdat ik dat niet leuk vind. Ik schaam mij erom, echt waar. Een echte zenboeddhist zo daar allemaal zo niet mee bezig zijn denk ik dan. En als ik dat dan aan de zenmeester vertel krijg ik de vraag : ‘wat is een ‘echte’ zenboeddhist volgens jou Nico ?’ Alweer zo een beeld in mijn hoofd dat niet overeenkomt met de werkelijkheid. De dingen kunnen en durven zien zoals ze echt zijn, het is niet zo makkelijk als je wel zou denken. Ook mijn relatie zien zoals ze echt is, dat blijft moeilijk, zelfs na tien jaar.
15 jaar samen dus vandaag, vandaar deze ode aan mijn madam. Het is een prachtvrouw, een sterke, slimme, grappige, maar veel te bescheiden vrouw, die ook af en toe de behoefte heeft om zich nog eens een meisje te voelen dat wil opgevangen worden, dat een sterke schouder nodig heeft om op te huilen, of een man op wie ze kan rekenen, bij wie zij zich eens zwak mag/kan voelen.
Ik weet dat allemaal en toch is het iets wat ik haar zo moeilijk kan geven. Ik hoop gewoon dat ze wel weet dat ik haar graag zie, op een manier dat ik nog niemand anders graag heb gezien. Ik heb enorm veel respect voor alles wat ze doet voor mij. Deze morgen moest ze gaan werken. Na tien minuten kreeg ik een berichtje : “ een dikke proficiat met ons 15 jaar samen zijn, en dat we er nog eens 15 mogen bij doen!” .
Ik heb echt een supervrouw.

Theorie en praktijk : een wereld van verschil

Goed, laten we nog eens overlopen waar je zoal moet op letten als chronisch pijnpatiënt om de dag zo goed mogelijk door te komen.
Het begint met de slaap, dus op zn best een avond waarbij de oogjes voor 23 u en liefst nog vroeger dicht gaan. Met daarop volgend een ononderbroken nachtrust van maar liefst 7 a 8 uren. ’s morgens probeer je wat tijd uit te rekken nog voor iedereen in de weer is om wat stretchoefeningen te doen, je medicatie te nemen, en als het kan ook nog een verkwikkende douche. Tegen die tijd is iedereen wakker, ben jij helemaal uitgerust al bijna een uurtje aan het ontdooien en heb je je lichaam langzaam laten ontwaken en voorbereid op de dag die dan gaat beginnen.
Nadat de kindjes naar school zijn gebracht heb ik meestal nog een uurtje of twee om wat huishoudelijke taken te doen op mijn eigen tempo. Daarna, rond 11u ga ik naar mijn werk, waar ik op de meeste dagen maar pas om 12 u moet beginnen werken, dat klinkt waarschijnlijk als hemel op aarde voor velen van u die reeds in de ochtendspits een urenlange file moeten doorstaan om dan met de koffie in de hand, bijna te laat aan de dagtaak beginnen. Je hebt gelijk, ik mag hier helemaal niet klagen, integendeel ! We gaan verder. Voor alle duidelijkheid , dit gaat hier nog steeds om een theoretisch overzicht van hoe een ideale dag er voor mij zou kunnen of moeten uitzien, gezien mijn conditie.
Mooi, we zijn eindelijk aan het werk, weinig spanningen en voor we het weten is het al 15u. das goed want dan heb ik op twee dagen in de week een break van twee uren die ik gebruik om wat te lezen op bed, een wandeling te maken of te mediteren of vanuit bed wat verder te werken voor school. ter verduidelijking ; bed, school, ..ik ben orthopedagoog en werk als internaatsopvoeder op een school, waarbij ik over een eigen bed en kamer beschik.
16.30u de lessen zijn bijna gedaan en ik begeef mij naar de refter waar ik de leerlingen opvang om samen een vieruurtje te eten, een boterham, wat koffie of thee. Daarna hebben ze afwisselend vrije tijd en studie die door mij en een andere collega wordt gedaan.
Om 21u zit de dag erop en gaan we naar boven. Daar mogen de leerlingen nog even opblijven , naar huis belle, iets lezen, pyjama aandoen en klaarmaken voor bedtijd.
Dus m.a.w., mijn dagoverzicht is in theorie zo opgebouwd, waarvoor dank aan mijn werkgever om hier rekening mee te willen houden btw !, dat ik een perfecte afwisseling heb van inspanning en ontspanning zodat ik mijn energiepeil redelijk stabiel kan houden en mijn job zo goed als mogelijk kan uitvoeren. Ook probeer ik wat op mijn eten te letten,dat ik wat fruit binnen heb, niet te veel frisdrank drink en versnaperingen zoals snoep en koekjes probeer te vermijden.
Dat was dus hoe een ideale dag van mij er in theorie uitziet, en als ik dat zo zelf herlees wat hier boven staat dan denk ik, man, ben jij even met je gat in de boter gevallen zeg, wat een droomdag. En jij zou nog durven klagen ?
Goed, en dan ga ik nu hetzelfde trachten te schetsen maar dan wel zoals het er in de praktijk helaas heel dikwijls aan toe gaat.
Gisteren avond, ik bleef op mijn werk slapen omdat ik iemand die ziek is mee help te vervangen, ik weet dat ik daar mijn baas een groot plezier mee doe dus zeg daar ook niet nee tegen. Rond half elf, elf uur doe ik mn licht uit en probeer ik te gaan slapen. Maar mijn stomp was al een tijdje lastig aan het doen ; trekken, snijden, branden, the usual stuff wat bij neuropathische pijn voorkomt. Ik dacht, goed, best misschien toch nog een half pilletje van mijn zware pijnstillers nemen om toch een goede nachtrust te hebben.
Het is half twaalf, de sensaties in mijn been zijn aan het wegebben maar doordat ik net iets meer van die morfinederivaten heb genomen zo laat op de dag, kan ik niet meer slapen. Lezen dan maar. En zo werd het half één, één uur. Licht weer uit en ik vermoed tegen half twee in slaap te zijn gevallen. Maar, kieken dat ik ben, door al het voorgaande was ik vergeten om het raam van de kamer te sluiten met als resultaat dat ik rond drie uur, half vier wakker werd van de koude wind die naar binnen kwam. Ik voelde mij nog helemaal verdoofd van de extra dosis pijnstilling die ik had genomen, sloot het raam en probeerde verder te slapen.
Om half zeven ging de wekker. Die zet ik een half uur a drie kwartier vroeger dan het tijdstip dat de leerlingen moeten gewekt worden zodat ik tijd heb om langzaam mijn ochtendritueel uit te voeren. Om half zeven voelde ik mij net een zombie en mijn lichaam voelde aan alsof het meer dan honderd kilo woog. Helaas was de brandende klemmende pijn in mijn been daar ook reeds terug, waarschijnlijk deels te wijten aan het feit dat ik zo laat was gaan slapen en diezelfde nacht nog es was wakker geworden ook.
Dus, snoezen maar, tot 7u, dan moeten de kindjes gewekt worden en heb ik nog een half uur alvorens we naar beneden gaan.
Ik zucht en zucht, geraak moeilijk uit bed, en tegen de tijd dat ik gekleed ben en me wat verfrist heb is het 25 na 7, ik ga mij nog moeten haasten om op tijd mijn twee rugzakken weer gevuld te krijgen om zo als eerste beneden klaar te staan om de leerlingen op te vangen.
Vlug de eerste dosis pillen naar binnen, alles in de rugzakken proppen en stram en suf van de trap af. De dag moet nog beginnen.
Vandaag heb ik geen pauze in de voormiddag want we zijn met ons team ingeschreven voor een ehbo cursus, wederom heel interssant en zeker de moeite om te volgen, mijn werkgever betaald zelfs de opleiding in mijn plaats. De cursus start om half 9 en duurt normaal tot half 12.
Om half negen beginnen de lessen, heb ik studie gedaan en het ontbijt georkestreerd voor de leerlingen maar buiten een tas koffie heb ik zelf nog niet kunnen ontbijten. Dat slaan we dan maar over want de cursus begint zo meteen. Ik zal om half twaalf dan wel op mijn gemak wat eten denk ik bij mezelf.
De cursus loopt uit tot 12u en tien minuten later moet ik opnieuw klaar staan om de leerlingen op te vangen na de les om naar de middagrefter te gaan, daarna is studie en vrije tijd. Ik stel voor om de studie wel te doen vermits dat toch gewoon zitten is en mij niet zo erg belast.
Daarna is er sport, en er wordt geopperd om misschien toch nog es veldvoetbal te doen, naast een hoop andere activiteiten. Normaal ga ik naar de sporthal, waar ik vanop een stoel op een betrekkelijk klein veld de sportactiviteit kan begeleiden. Maar vermits niemand graag veldvoetbal geeft , stel ik voor dat ik dat wel zal doen, dus hup, het veld op, hobbelig, lang groot veld. Er blijkt dan ook nog een man te kort te zijn dus ik stel mij wel in de goal zeg ik, dat stelt toch niet veel voor en ze weten dat ze van mij niet veel zullen moeten verwachten.
Maar, je doet toch maar je best om hier en daar toch es uit te halen naar een bal enzo.
Daarna spelen we nog een leuk spelletje penalty shotten waarbij er vooraf eerst tien maal rond zichzelf moet gedraaid worden alvorens naar het doel te trappen. Zelf probeer ik op het einde niet onder te doen en probeer hetzelfde te doen als de leerlingen, die dat natuurlijk heel grappig vinden en ook wel enorm apprecieren als je zulke dingen meedoet.
Zo, de sport zit erop. We keren terug naar de koer. Ik heb nog wat zaken boven vergeten dus ik beslis om mee naar boven te gaan (trappen, trappen) met de jongens die zich kunnen omkleden of klaar maken om te douchen terwijl ik mijn overige spullen bij elkaar zoek. Daarna mag ik bijna naar huis want het is woensdag en dan werk ik maar tot 15.45u.
Ik stuur een berichtje naar vrouwlief of ik iets kan doen op de terugweg en Tessa vraagt of ik bij schoonouders om onze jongste wil gaan. Geen probleem ! Ondertussen is mijn been weer beginnen trekken, mijn hoofd beginnen bonzen en is er kippenvel op mijn voorarmen te bespeuren wat er bij mij op wijst dat ik er zwaar aan het overgaan ben en dringend rust zou kunnen gebruiken.
Maar dat gaat natuurlijk niet want Tessa volgt een leuke interessante avondcursus die om 18u begint en dat wil ik haar zeker niet ontzeggen, zij laat mij ten slotte ook al die momenten rusten en naar de zen gaan en muziek gaan spelen als het past enzovoorts, das toch het minste dat ik haar kan gunnen. En geloof me, ik wou en soms is dat gelukkig ook wel zo, dat ik haar veel meer kon geven dan enkel dit.
De kleinste kadee loopt enorm lastig want die heeft deze middag niet willen slapen, mijn oudste zoon is al zeven en hem kan ik gelukkig al heel wat meer vragen dan Leon die pas drie is. Enfin, samen eten, dan in bad, daarna de pyjama aan en nog wat tv kijken. Dan naar boven voor het avondritueel wat inhoudt dat ik twee kleine boekjes lees en dan nog een kort gevecht aanga om de kleinste in bed te krijgen.
Dan heeft Jona eigenlijk nog niet echt aandacht gekregen van mij en probeer ik samen met hem nog even tv te kijken wat te lezen en elkaar een knuffel te geven alvorens die ook gaat slapen.
Zo,en dan is het 20u, ik heb barstende koppijn, mijn been klopt, heeft koud en tintelt enorm. Ik ben bekaf, kruip in bed, zet de laptop aan en schrijf dit stukje.
Ik wil het niet dramatiseren maar ook nog wel vermelden dat de dag ervoor waarbij ik normaal middags dus enkele uren rust heb, er een belangrijke vergadering gepland was waar ik zeker moest bij aanwezig zijn en waardoor ik dus ook die middag gewoon doorgewerkt heb tot ’s avonds.
Er is dus theorie, en praktijk, .., maar vooral een wereld van verschil tussen beide.
Ik wens jullie nog een fijne avond, hopelijk kan ik vandaag wel goed slapen, het venster en de gordijnen zijn alvast dicht, nu nog de laptop en ik kan weer aan mijn theoretisch ideaal stramien beginnen;)